Hoe staat de atmosfeer ervoor? Tweemaal per dag beoordelen KNMI-meteorologen de weermodellen in deze synoptische analyse - de analyse van de huidige toestand van de atmosfeer - en ze kijken naar wat de modellen zeggen over de nabije toekomst.
Korte termijn tot +48 uur | Meerdaagse modelbeoordeling
Synoptische situatie
Een noordwestelijke stroming voert maritiem polaire lucht aan. Op nadering van een (hoogte)rug van het westen uit warmt de bovenlucht in de loop van vandaag van het westen uit op en neemt de onstabiliteitsdiepte geleidelijk af. In de onderste luchtlagen wordt de aangevoerde lucht iets kouder waardoor de buien soms winters van karakter zijn. Een laatste trog/occlusierestant passeert vanavond het noordoosten van het land. In de nacht naar vrijdag trekt de eerdergenoemde rug oostwaarts over ons land. Na passage wordt de stroming zuidwestelijk en neemt op nadering van een frontale zone geleidelijk in kracht toe. Het warmtefront bereikt aan het begin van vrijdagavond de westkust en beweegt vervolgens oostwaarts over het land, rond middernacht gevolgd door het bijbehorende koufront.
Modelbeoordeling
- Windstoten: Bij buien komen er vooral in het noordelijk kustgebied windstoten van 35-40 kn voor. Harmonie is hier goed in te volgen maar soms aan de hoge kant. De kansen (EPS) zijn vrij groot voor meer dan 75 km/u voor windstoten, maar Harpoon (HArmonie forescast POst-prOcessing application using Neural network) geeft actueel een realistischer beeld. - Bewolking: Bij de occlusie/trog van vanavond berekent Harmonie in het noordoosten duidelijk meer SC-bewolking dan EC. Zo uitgebreid zal dit waarschijnlijk niet zijn, maar iets om rekening mee te houden ook wat betreft de daling in temperatuur. In het zuidoosten is een kleine kans op stratus vanwege stuw, maar deels afhankelijk hoe de rug verplaatst. In de progtemps is dit nog wel te terug te zien. TAFG geeft hier geen signaal meer voor. Bij en voor het warmtefront groot verschil in SC/AC in het westen. EC berekent dit morgenochtend al over een groot deel van de FIR terwijl Harmonie het dan net het westen van de FIR binnen laat lopen. In de progtemps lijkt dit verschil veel kleiner en zou in beide modellen de SC bewolking morgen al vroeg van het westen uit kunnen binnenkomen.
Aandachtspunten
Wind
Seinen aan de noord- en noordwestkust 6 Bft. Bij de buien windstoten rond 75 km/uur boven zee, en ook aan de (noord)kust. Op nadering van de rug vanavond een verder afnemende wind. Op nadering van het warmtefront in de loop van vrijdagochtend op zee en later ook aan de kust ZW 6.
Zicht
In neerslag teruglopende zichten, in zwaardere (winterse) buien slechte zichten.
Temperatuur
In de nacht naar vrijdag zien we landinwaarts op veel plaatsen minima rond of enkele graden onder het vriespunt als de rug passeert. In het noordoosten wordt het waarschijnlijk wat minder koud door bewolking nabij het occlusierestant. Hierdoor vooral in de (zuid)oostelijke helft kans op bevriezingsgladheid op de gevoelige punten zonder bodemwarmte.
Bewolking
Convectieve bewolking en Cb's met toppen rond FL150-180/-30°C, verder vandaag afnemend naar FL100 vanavond. Komende nacht en morgenochtend vroeg in de Limburgse heuvels een kleine kans op (lage) St vanwege stuw. Bij het occlusierestant in het noordoosten vanavond naast enkele (ondiepe) Cb's ook Sc/Ac. Vrijdag overdag vorming van vrij veel Cu/Sc, mogelijk wat uitspreidend onder een inversie. Bij de frontale systemen van vrijdagavond een dik pakket bewolking en een duidelijk St-signaal (beide modellen), op het koufront ook kortdurend onder 500 vt.
Neerslag
Buien, soms met hagel en ook natte sneeuw, zeer lokaal nog onweer. Convectiemodus is multicel met CAPE van maximaal 700 J/kg en schering van 15-20 kn. De nacht naar vrijdag duidelijk afnemende buienactiviteit, maar pas echt helemaal droog na passage van de rugas (begin vrijdagochtend) zoals gebruikelijk. Bij de frontale systemen van vrijdagavond lichte tot matige (mot)regen, stratiform.
geldig tot vrijdag 27 maart 2026 24.00 locale tijd
Synoptische ontwikkeling
Tot begin april zien we ten noorden van de Azoren een omvangrijk hogedrukgebied en lagedrukgebieden die via IJsland naar Scandinavië trekken. Onze omgeving heeft hierdoor te maken met een stroming die afwisselend west- of noordwestelijk is met aanvoer van maritiem polaire lucht. Een veelal wisselvallig weertype met alleen komende zondagochtend en -middag een rustig intermezzo wanneer er een zwakke rug passeert. Vanaf begin april zien we het eerdergenoemde hogedrukgebied een (hoogte)rug opbouwen richting Groenland en wordt de stroming noordelijk met aanvankelijk aanvoer van koude lucht. De dagen daarna zie we deze (hoogte)rug verder opbouwen boven het Europese continent, resulterend in een zwakke continentale stroming. De wisselvalligheid neemt hierdoor sowieso sterk af.
Modelbeoordeling en onzekerheden
Tot en met begin april zien we een wisselvallig weerbeeld met een veelal west- tot noordwestelijke stroming. Passage van een zwakke rug geeft zondagochtend en -middag tijdelijk een wat rustiger weerbeeld. Voor de rest zien we hoge neerslagkansen (60-80%), waarbij vooral de zondagavond laat en maandagnacht uit het oog springt. Bij passage van een actief koufront zien we 20-30% van de leden in korte tijd 10-20 mm berekenen in combinatie met 20% kans op windstoten van 75-100 km/u langs de noord(west)kust. Waarschijnlijk heeft dit te maken of het koufront wel of niet (extra) aangeslagen wordt door een jet. Verder vooral overdag temperaturen die vrij normaal zijn voor de tijd van het jaar. Wanneer de stroming begin april noordelijk lijkt te worden doet de temperatuur een stap terug met landinwaarts 30-40% kans op lichte vorst. Ook neemt de kans op winterse neerslag tijdelijk weer toe naar 20%, waarschijnlijk in de vorm van korrelhagel. Aan het einde van de EPS-periode zien we een (hoogte)rug verder opbouwen boven het Europese continent, waarbij er twee varianten zijn. Een vrij koude variant, met opbouw boven Noord-Europa en een (noord)oostelijke stroming (oper/control, 60% van de leden) en een zachtere variant. Hierbij bouwt de (hoogte)rug niet verder op boven Noord-Europa, maar komt boven West-Europa te liggen. De stroming wordt hierdoor zwak zuidelijk met aanvoer van steeds zachtere lucht (40% van de leden). In beide gevallen neemt de wisselvalligheid sowieso af, de neerslagkansen dalen naar 20-30% bij vrij weinig wind.
Samenvatting meerdaagse-periode
Aanhoudend wisselvallig met perioden met regen of enkele buien, maar vrijdag en zondag overdag ook af en toe zon. De temperaturen liggen rond het langjarig gemiddelde.
Samenvatting EPS-periode
Rustig en overwegend droog lenteweer. In het begin van de periode een grote kans (70%) op temperaturen onder het langjarig gemiddelde, maar geleidelijk neemt de kans op zacht(er) lenteweer toe naar 40%.
Geldig van zaterdag 28 maart tot donderdag 09 april