Hoe staat de atmosfeer ervoor? Tweemaal per dag beoordelen KNMI-meteorologen de weermodellen in deze synoptische analyse - de analyse van de huidige toestand van de atmosfeer - en ze kijken naar wat de modellen zeggen over de nabije toekomst.
Korte termijn tot +48 uur | Meerdaagse modelbeoordeling
Synoptische situatie
Een westelijke stroming voert maritiem polaire lucht aan. Een goed doorstroomde rug van hoge druk trekt vannacht oostwaarts over ons land. Deze rug wordt vrijdagochtend gevolgd door een warmtefront behorend bij een lagedrukgebied ten zuiden van IJsland. Dit warmtefront trekt op hoogte sneller door dan aan de grond. Het koufront trekt in de avond over ons aandachtsgebied, met in het noorden van de FIR enige activering bij de linkeruitgang van een jetstreak. Na passage komen we zaterdag weer in de polaire, onstabiele lucht terecht. De bovenlucht koelt met name in het noordelijk deel van onze FIR flink af en er trekken enkele troggen over ons aandachtsgebied.
Modelbeoordeling
De modellen liggen op één lijn wat betreft timing van de fronten. Ook het neerslagpatroon stemt overeen. Voor het grondwarmtefront uit valt in beide modellen al neerslag uit middelbare en hoge bewolking. In de warme sector is door kustconvergentie extra activatie van de neerslag aan de kust mogelijk, dit zien we (te) sterk in de Ha43 uitvoer. De vraag is wel of dit zo lang in de middag door blijft gaan doordat het warmtefront in dit model nabij de grond vaak te traag doorkomt. Er staat ook behoorlijk veel wind. Bij het koufront wordt de neerslag ook convectief. De kans op onweer is hierbij wel vrij klein. Daarnaast geven beide modellen t.g.v. de linker uitgang van de jet in het noordwesten van onze FIR duidelijk een activering van de neerslag. Ook achter het koufront is er zaterdag sprake van convectieve neerslag, we volgen dan de Ha43 uitvoer, wel met de kanttekening dat deze de ondiepere buiigheid in het zuiden mogelijk wat onderschat, en dat deze mogelijk ook wat eerder na het koufront op gang komt. Qua grenslaagbewolking zien we vrijdag grote verschillen tussen Ha43 en EC. Vooral in de warme sector is dit verschil groot boven land met in de Ha43 uitvoer op uitgebreide schaal St onder de 500 vt. Progtemps laten zien dat Ha43 het warmtefront verder landinwaarts veel meer laat opglijden over de koudere lucht onderin. Ha43 heeft de neiging dit te overdrijven. EC daarentegen laat de koude lucht vaak te makkelijk verdrijven, al staat er wel veel wind. De EC uitvoer daarentegen berekent bij het koufront weer meer St dan de Ha43 uitvoer. Gezien het feit dat dit waarschijnlijk een smalle convectieve zone is, volgen we de Ha43 uitvoer.
Aandachtspunten
Wind
De modellen geven de verschillende windvelden ongeveer gelijk weer, waarbij Ha43 zeker op zaterdag een net iets hogere gemiddelde windsnelheid geeft en ook zwaardere windstoten. De gemiddelde snelheid lijkt Ha43 goed weer te geven, zaterdag is er met de koude lucht boven het warme zeewater veel uitwisseling. Sommige Ha43 runs berekenen boven zee en aan de kust zware windstoten op de passage van het koufront. De zware windstoten komen erg plaatselijk voor en de kansen hierop lijken landinwaarts klein. Zaterdag zien we in de Ha43 uitvoer op uitgebreide schaal zware windstoten boven zee en in het noordelijk kustgebied. In EC zien we dit ook (in mindere mate) boven zee. Door de sterke kouadvectie en diepe convectie (waarbij ca. 45 kn wind vanaf enige hoogte uitgewisseld kan worden, en rekening moet worden gehouden met wat waterloading en coldpools door de koude bovenlucht/verdamping/hagel) lijkt de Ha43 uitvoer in grote lijnen realistisch. De zeer plaatselijke zeer zware windstoten in dit model zijn waarschijnlijk wel enigszins overdreven aangezien de windstoten van Ha43 vaak iets te hoog (en vooral te grootschalig) zijn in dit soort situaties. In het Ha43 Eps zien we dat de zware windstoten wel beperkt blijven tot een vrij smalle kuststrook. In de meest recente runs zien we wel dat de windstoten bij het koufront en die op zaterdagmiddag en -avond wat zijn toegenomen ten opzichte van de uitvoer van gistermiddag en avond.
Zicht
Vandaag vooral in neerslag matig, lokaal slecht zicht. Na passage van het koufront goede zichten, bij buien matig, in de noordelijke helft soms slecht.
Temperatuur
Vrijdag de hoogste temperaturen in de avond voor het koufront uit in de warme sector. Ha43 is waarschijnlijk wat te traag met het oplopen van de temperatuur landinwaarts.
Bewolking
Convectieve bewolking. Vannacht van het westen uit naderende frontale bewolking. Nabij het warmtefront ook St waarbij Ha43 mogelijk te zwaar aanzet a.g.v. overdrijving van de opglijding (zie modelbeoordeling). In de warme sector enkele TCu/Cb met toppen rond FL130. Nabij en verder achter het koufront Cb's met toppen tot FL200-270, de hoogste toppen in het noorden bij de trog op zaterdagmiddag en avond.
Neerslag
In de warme sector coalescentieneerslag. Zie verder modelbeoordeling. Nabij het koufront buiige regen. Deze neerslag is vooral convectief. Vooral hierbij is bij de hoogtetrog zaterdagmiddag en avond met een CAPE van 1000-1500 J/kg onweer waarschijnlijk en hagel mogelijk. De effectieve schering is 10-20 kn en dus single cell/multicell modus. Al met al kan er plaatselijk veel neerslag vallen. De 24-uur totalen zijn vrijdag plaatselijk meer dan 20 mm (t.g.v. kustconvergentie) en zaterdag kan dat in het noorden zelfs nog meer zijn. De Ha43 uitvoer heeft hierbij duidelijk grotere neerslagsommen dan de EC uitvoer. Op vrijdag verwachten we dat de Ha43 uitvoer dit enigszins onderschat doordat het model de kustconvergentie te lang in stand houdt. Op zaterdag valt de neerslag uit diepe convectie en dan zijn de Ha43 sommen realistischer. In het noorden valt mogelijk plaatselijk meer dan 40 mm binnen 24 uur. In de laatste modeluitvoer zien we dat de buien vanaf zaterdagmiddag wat zuidelijker en intenser worden berekend dan in de uitvoer van gistermiddag en avond.
geldig tot zaterdag 10 oktober 2026 24.00 locale tijd
Synoptische ontwikkeling
Zondag 11 oktober bevindt ons land zich in polair maritieme lucht aangevoerd door een noordwestelijke stroming veroorzaakt door een laag boven de Noorse zee. Dit laag trekt oostwaarts en vult deels op. In de nacht naar maandag passeert er een rug. Hierna bevinden we ons aan de noordwestflank van een hogedrukgebied boven Centraal-Europa. Hierdoor voert een zuidelijke of zuidwestelijke stroming warmere lucht aan. Vanaf donderdag zien we grootschalig de overgang naar een meanderende westcirculatie in de meerderheid van de leden. We zien dan een hogedrukgebied nabij de Azoren met een rug over Frankrijk richting Oost-Europa en lagedrukgebieden nabij IJsland en in de Noorse Zee.
Modelbeoordeling en onzekerheden
Op zondag 11 oktober enkele buien in een noordwestelijke stroming over een warme Noordzee. Deze buien zullen vooral boven de noordelijke helft vallen, gezien de significant kleinere kans op neerslag in het zuidoosten. De bovenlucht is dan vrij koud waardoor onweer eerst nog waarschijnlijk is. De activiteit neemt in de loop van de dag af op nadering van een rug, die laat in de avond passeert. De tijdelijke zuid- tot zuidwestelijke aanvoer vanaf maandag tot en met woensdag zit in de meeste leden en zorgt dinsdag en woensdag voor temperaturen die boven het langjarig gemiddelde liggen. Daarna is er in de meeste leden een voorkeur voor een westelijke stroming, waarin van tijd tot tijd frontale systemen ons land passeren. Wel blijft in de meeste leden de hogedruk ten zuiden van ons land dichtbij.
Samenvatting meerdaagse-periode
Zondag enkele buien, vrij veel wind en middagtemperaturen rond 15°C. Vanaf maandag rustiger weer met afnemende neerslagkansen en geleidelijk warmer.
Samenvatting EPS-periode
Licht wisselvallig herfstweer met een dagelijkse neerslagkans van 30-40%. De middagtemperatuur ligt daarbij waarschijnlijk rond het klimaatgemiddelde.
Geldig van zondag 11 oktober tot vrijdag 23 oktober